Collega Hans

Voorzieningen einde loopbaan (ouderenbeleid)

Collega Hans

Voorzieningen einde loopbaan (ouderenbeleid)

Het politievak is een dynamisch, complex en boeiend beroep wat veel vraagt van onze medewerkers. Zowel op fysiek als mentaal gebied worden er voortdurend hoge eisen gesteld aan hen.

Als politieorganisatie zetten we in op de gezondheid, betrokkenheid en ontwikkeling van de medewerker. Waar mogelijk stimuleren we het werkplezier met als doel dat medewerkers langer, veilig, gezond en vitaal kunnen werken. Aan medewerkers vragen we na te denken over en invloed uit te oefenen op hun eigen loopbaan. Hiervoor is het nodig dat we onze medewerkers adequate informatie hierover verstrekken. Een cao afspraak is dat we deze informatie makkelijk en overzichtelijk aanbieden aan onze medewerkers en dat duidelijk is hoe je de beschikbare voorzieningen op de juiste manier inzet. Doel is om veilig en gezond aan het werk te blijven ook aan het einde van je loopbaan. Een handreiking met daarin een overzicht van alle beschikbare voorzieningen einde loopbaan is in de maak en komt op 1 januari a.s. voor eenieder beschikbaar.

Collega Hans

Om je al een beeld te geven van de mogelijkheden die de voorzieningen einde loopbaan bieden, geven we een aantal voorbeelden aan de hand van een fictieve collega Hans. Hans is 59 jaar en werkt als hoofdagent in een basisteam.

Voorbeeld Hans #1: RPU

De arbeidsomvang van Hans is 36 uur per week en hij maakt sinds zijn 58e gebruik van de RPU-regeling voor 4 uur per week. Binnenkort wordt Hans opa. Zijn dochter heeft gevraagd of hij één dag in de week op een vaste dag op zijn kleinkind zou willen passen. Hans heeft daar heel veel zin. Hij gaat zich oriënteren om te bekijken welke mogelijkheden hij heeft om minder te gaan werken. Nu hij binnenkort 60 jaar wordt maakt hij een afspraak bij een pensioenambassadeur om de mogelijkheden te bespreken. Hij wil voorlopig nog niet stoppen met werken maar wil wel graag minder werken. Hans kan minder gaan werken door zijn RPU uit te breiden naar maximaal 12 uur per week. Als hij dat wil kan hij het inkomensverlies compenseren door het laten ingaan van een stukje deeltijd pensioen. Hans neemt 10% keuzepensioen op, dit heeft zeer beperkte financiële gevolgen voor zijn uiteindelijke pensioen.

Voorbeeld Hans #2: Samenstel van werkzaamheden

Na meer dan 40 dienstjaren voelt Hans dat het werk voor hem zowel fysiek als mentaal steeds zwaarder wordt. Omdat hij nog wel een paar jaar moet gaan gaat Hans in gesprek met zijn leidinggevende. Samen bekijken ze welke mogelijkheden er voor Hans zijn om zijn werkplezier te behouden. Hans maakt in ieder geval gebruik van de RPU-regeling. Hij werkt al 12 uur minder per week dan voorheen. Daarnaast heeft hij ook nachtdienstontheffing. Ondanks deze regelingen voelt Hans toch nog steeds dat hij op zijn tenen moet lopen als hoofdagent. Hij wil een tandje terug om zijn werkplezier te behouden en is ook daarover in gesprek met zijn leidinggevende.

De leidinggevende heeft de mogelijkheid om binnen de kaders van de formele functie te komen tot een goede verdeling van de werkzaamheden binnen het team. Hij gaat in gesprek met de medewerkers van het team. Samen bekijken ze welk deel van de functie Hans nog kan verrichten om zo een balans te zoeken tussen zijn fysieke en mentale mogelijkheden. De leidinggevende gebruikt de ruimte om de werkzaamheden van Hans meer passend te maken nu hij niet meer in staat is zijn functie in de volle breedte uit te oefenen. Door deze aanpassingen rechtvaardigen de werkzaamheden nog steeds de formele LFNP-functie.

Voorbeeld Hans #3: Demotie

Na meer dan 40 dienstjaren voelt Hans dat het werk voor hem zowel fysiek als mentaal steeds zwaarder wordt. Omdat hij nog wel een paar jaar moet gaan gaat Hans in gesprek met zijn leidinggevende. Samen bekijken ze welke mogelijkheden er voor Hans zijn om zijn werkplezier te behouden. Hans maakt in ieder geval gebruik van de RPU-regeling. Hij werkt al 12 uur minder per week dan voorheen. Daarnaast heeft hij ook nachtdienstontheffing. Ondanks deze regelingen voelt Hans toch nog steeds dat hij op zijn tenen moet lopen als hoofdagent. Hij wil een tandje terug om zijn werkplezier te behouden en is ook daarover in gesprek met zijn leidinggevende. Wanneer het vanuit de bezettingsgraad mogelijk is wil Hans graag gebruik maken van de demotieregeling. Dit betekent dat hij er bewust voor kiest om op een functie van een lager functieniveau te gaan werken. Hoewel aan die functie wel een lager salaris is verbonden blijft hij wél het volledige pensioen opbouwen over zijn oorspronkelijke salaris.

De (maximale) inhouding op het salaris is dan het verschil tussen het salaris dat Hans nu geniet en het maximumsalaris behorende bij de salarisschaal direct onder de voor Hans geldende salarisschaal.